• Menu
  • Zoek
  • Login

Agrabeton

Duurzaam bouwen in agrarische sector

11,3% duurzame stallen in Nederland

11,3 procent van alle stallen in de Nederlandse veehouderij voldoet aan de normen voor integraal duurzame stallen. De pluimveehouderij is koploper. De rundveehouderij blijft achter.



Dat blijkt uit de Monitoring integraal duurzame stallen die Wageningen UR jaarlijks publiceert in opdracht van het ministerie van Economische Zaken. Op 1 januari 2015 waren er in Nederland 81.000 stallen met rundvee, varkens en/of pluimvee. Het percentage van gemiddeld 11,3 procent ligt boven het streven van 10 procent dat het ministerie voor deze peildatum heef vastgesteld.

Minder rundveestallen

Het aantal integraal duurzame stallen loopt uiteen van 6,3 procent in de rundveehouderij, 21,7 procent in de varkenshouderij tot 32,1 procent in de pluimveehouderij. Op basis van dierplaatsen blijkt een groter percentage te voldoen aan de norm integraal duurzaam: 15,9 procent van het rundvee, 36,3 procent van de varkens en 35,0 procent van het pluimvee wordt integraal duurzaam gehouden.
Ondanks dat de rundveehouderij achterblijft, groeit het aantal integraal duurzame rundveestallen de laatste twee jaar harder dan de andere diercategorieën. Er blijkt vooral een gestage toename in het aandeel integraal duurzame rundveestallen dat voldoet aan de criteria uit de Maatlat Duurzame Veehouderij (MDV). De MDV blijkt over de hele linie de meest populaire integraal duurzame stal: 3.744 stallen voldoen aan de MDV-voorwaarden. De top 3 van integraal duurzame stalsystemen wordt gecompleteerd met 2.254 Beter Leven stallen en 1.767 biologische stallen.

2012 meest MDV-stallen

In 2012 zijn de meeste MDV-stalcertificaten uitgegeven, namelijk 800. In dat jaar hebben veel varkenshouders geanticipeerd op het nieuwe Varkensbesluit waarin staat dat ze moeten voldoen aan het besluit ammoniak en huisvesting en het Varkensbesluit. Vóór de ingangsdatum van 2013 leidde dit tot veel nieuwbouw.
In 2013 (749) en 2014 (681) is het aantal stalcertificaten afgenomen. De huidige certificaten worden met name afgegeven voor melkveestallen. Van het totaal aantal afgegeven certificaten is bijna de helft voor melkveestallen. Deze groei is te verklaren door veranderde marktomstandigheden, waaronder het afschaffen van de melkquotering. Melkveebedrijven hebben hierop geanticipeerd met een uitbreiding van het aantal dierplaatsen. Het gaat overigens niet alleen om uitbreiding. Voor een deel van de gerealiseerde dierplaatsen gaat het om vervanging van oude voor nieuwe duurzamere stallen.

 

Juli 2015

 

 

Delen:
FacebookTwitterLinkedIn