• Menu
  • Zoek
  • Login

Agrabeton

Duurzaam bouwen in agrarische sector

Aandeel agrarisch bij verkoop betonmortel toegenomen

Van de totale verkoop van betonmortel belandt relatief meer in de agrarische sector.

mixer hout lr

Dat blijkt uit het periodiek onderzoek naar het eindverbruik van cement en betonmortel uitgevoerd door VOBN en Cement&BetonCentrum. Het aandeel agrarische sector en grond, weg- en waterbouw (GGW) is fors toegenomen doordat er veel minder beton naar de woning- en utiliteitsbouw gaat. Op dit moment gaat ongeveer 15 procent van het beton naar de agrarische sector. In 1996 was dat ongeveer 11 procent.
Deze verschuiving heeft ook gevolgen voor het gemiddeld cementgehalte in betonmortel. Op dit moment bedraagt dat gemiddeld 313 kg/m3. Dat is 10 kg/m3 meer dan uit het vorige onderzoek in 2011. Juist in de GWW en agrarische bouwmarkt wordt beton toegepast met hogere sterkteklassen en zwaardere milieuklassen. Hogere sterkteklassen en hogere milieuklassen hebben een aantoonbare relatie met de toe te passen hoeveelheid cement.

 

Range van gemiddeld cementgehalte per bouwsector (periode 1996-2014)

Woningbouw - nieuwbouw 295 - 305 kg/m3
Utiliteitsbouw - nieuwbouw              315 - 330 kg/m3
Agrarische bouw 305 - 340 kg/m3
GWW 325 - 355 kg/m3  


Grof toeslagmateriaal

Een ander noemenswaardig punt uit het onderzoek betreft het gebruik van grove toeslagmaterialen en van vulstoffen. In circa 20 procent van de leveringen van betonmortel is een hoeveelheid gerecycled materiaal aanwezig. De gebruikte materialen hiervoor zijn onder meer betongranulaat, menggranulaat, ballastgrind, kalksteen en natuursteen. Deze materialen voorzien in totaal voor 7 procent in de behoefte van grof toeslagmateriaal voor betonmortel.
Tot 2005 bestond het grof toeslagmateriaal in betonmortel voor het overgrote deel uit rivier- of zeegrind. Het gebruik van beton- of menggranulaat lag toen onder de 1 procent. Riviergrind blijft anno 2014 met 68 procent nog wel het meest toegepaste grof toeslagmateriaal, maar dit percentage ligt nu aanmerkelijk lager dan uit de eerdere onderzoeken naar voren is gekomen.

 

Vulstoffen en hulpstoffen

Tijdens het onderzoek in 2014 werd in 50 procent van de ritten met betonmortel een vulstof toegepast (2011: 40%). De meest gebruikte vulstof is poederkoolvliegas. De andere gebruikte vulstoffen zijn kalksteenmeel en gemalen hoogovenslak. Uit de onderzoeksgegevens valt af te leiden dat in 2014 11 procent van alle leveringen van betonmortel attestbeton betrof. Bij attestbeton vervangt poederkoolvliegas 1:1 een substantieel deel van het cement. Het onderzoek laat ook zien dat in 85 procent van de leveringen hulpstoffen (plastificeerders, vertragers e.d.) worden toegepast.

 

november 2014

Delen:
FacebookTwitterLinkedIn