• Menu
  • Zoek
  • Login

Agrabeton

Duurzaam bouwen in agrarische sector

Sterkere varkens in Groepskraamstal

Waar de traditionele varkenshouderij gebaseerd is op het wegnemen van mogelijke ziekteverwekkende omstandigheden (verlagen van draaglast van dieren), lijkt juist een houderij die gebaseerd is op het versterken van de draagkracht van dieren kansen te bieden voor de Nederlandse varkenshouderij.

vorige

 

Dat stelt Rosanne Vos van Wageningen UR tijdens de NVTL-studiedag op 6 maart in Wageningen. De Nederlandse veehouderij is volgens haar wereldwijd geen koploper meer. Er zijn wel innovatieve varkenshouders, maar ze gebruiken traditionele huisvestingssystemen.


Kansen liggen er volgens haar voor Nederlandse varkenshouders die aandacht besteden aan de 'resilience van de varkens'. Resilience is een ander woord voor veerkracht. Door het versterken van de veerkracht, is het voor dieren eenvoudiger om zich aan te passen aan een bepaald houderijsysteem. Hierdoor ervaren de dieren minder stress, hebben ze minder antibiotica nodig en zijn ze in staat om beter te presteren. Want wat het houderijsysteem ook is: alles draait wel om het economisch haalbaar houden van de varkenshouderij, stelt ze.

Groepskraamhokken

Vos haalt als voorbeeld het onderzoek naar Groepskraamsystemen aan. Hierin zijn biggen op vier of negen weken gespeend van de zeug. De zeugen werden geplaatst in twee identieke afdelingen (zie tekening) met vijf individuele werphokken (A) en aangrenzend aan de buitenkant een multi suckling ruimte (B) waar de zeugen en biggen als groep samen kunnen leven. In ruimte C en D werden de zeugen geplaatst om contact te krijgen met de beer waarna de inseminatie volgt.
Eén groep zeugen werd 28 dagen na de geboorte van de biggen van hen gescheiden (gespeend). De andere groep zeugen verbleef van dag 28 tot en met dag 34 tien uur per dag in de ruimte C en D zonder de biggen, ook met de bedoeling om geïnsemineerd te worden. Na dag 34 verbleven de zeugen weer volledig bij de biggen waarna de biggen geleidelijk gespeend werden op negen weken leeftijd.

Betere resultaten

Uit de resultaten van dit onderzoek blijkt dat biggen van de groep die geleidelijk gespeend werden op negen weken leeftijd veel zwaarder waren en dat er geen gedragsproblemen zijn opgetreden bij de zeugen (zoals doodbijten van biggen direct na de geboorte). Het blijkt dat maximale groepshuisvesting zowel voor zeugen als biggen positief is. Ook presteren de zeugen in de volgende cyclus beter dan de zeugen die op vier weken van hun biggen werden gescheiden. Bijkomend voordeel is dat er geen biggenstallen nodig zijn in een systeem waarbij biggen negen weken bij de zeug blijven.

Nieuwe marktconcepten

Volgens Vos is nader onderzoek noodzakelijk maar blijkt wel dat het houderijsysteem een positief effect heeft op de veerkracht van zeugen en biggen waardoor ze beter presteren. Voor Nederlandse varkenshouders zou dit systeem mogelijkheden bieden om samen met afnemers van varkensvlees te komen tot nieuwe marktconcepten die economisch rendabel zijn.

 

Lees ook

 

Agrabeton, mei 2018

Delen:
FacebookTwitterLinkedIn