![]() |
FAQ |
|
||||||||||||||||||||
| zetmaat |
|
|
|
|
methode om de verwerkbaarheid van betonspecie te bepalen
Nadere omschrijving De zetmaat is een eenvoudige en veelgebruikte maat om de verwerkbaarheid van betonspecie te karakteriseren. In principe komt elke betonspecie in aanmerking voor toepassing van de zetmaat. De verdichtingsmaat daarentegen wordt vooral gebruikt voor het bepalen van de consistentie van half plastische (consistentieklasse S2) tot plastische (consistentieklasse S3) betonspecie. De zetmaat wordt gemeten met behulp van een stalen kegel met een hoogte van 300 mm, een doorsnede van het grondvlak van 200 mm en een doorsnede van de bovenzijde van 100 mm. Nadat de kegel in drie ongeveer gelijke lagen is gevuld (waarbij elke laag met een porstaaf zestienkeer wordt verdicht), wordt de kegel opgelicht en vervolgens wordt de inzakking van de betonspeciekegel gemeten. De inzakking in mm is de zetmaat. De bepaling van de zetmaat is beschreven in norm NEN-EN 12350-2 Beproeving van betonspecie - Deel 2: Zetmaat. Deze norm maakt deel uit van een serie normen waarin de beproeving van de consistentie van betonspecie is vastgelegd. Normen/aanbevelingen/literatuur • NEN-EN 12350-2 Beproeving van betonspecie – Deel 2: Zetmaat; • NEN 8005, Nederlandse invulling van NEN-EN 206-1, Beton - deel 1; Specificatie, eigenschappen, vervaardiging en conformiteit; • Betoniek 3/30 De zetmaat; • Betoniek 13/08 De ‘206’ (ver)werkt. |




